|


Een deel van het afval kan wegens zijn samenstelling niet gerecycleerd worden. Daarom beschikt MIROM Roeselare (vóór 2006: IVRO) sinds '76 over een verbrandingsinstallatie waar gemiddeld 7 ton afval per uur verbrand wordt conform de geldende milieunormen.
Bunker
Elke werkdag wordt er 250.000 kg afval verwerkt waarvan 90%afkomstig is van huishoudens.
De huisvuilwagens kunnen na weging het afval in de bunker storten. Deze heeft een capaciteit van 4.000m³. De grijpkraan mengt oud en nieuw vuil tot een homogene massa en brengt circa 2.500 kg afval per keer in de vultrechters van de ovens.
De bunker functioneert ook als tijdelijke opslagplaats om zo schommelingen in de aanvoer op te vangen. Uit deze bunker wordt lucht onttrokken om de geurhinder tot een minimum te beperken. Deze lucht wordt in de ovens gebruikt als verbrandingslucht.
Oven
Het afval wordt in de twee ovens op roosters verbrand. Deze zorgen voor het transport van het afval door de oven en maken een optimale verbranding mogelijk. Ventilatoren blazen vanuit drie verschillende plaatsen lucht in de ovens om zo de verbranding aan te wakkeren. Het afval wordt verbrand op een temperatuur van circa 1.100°C en zonder toevoeging van externe brandstoffen. Enkel bij opstart of bij storingen wordt gebruik gemaakt van steunbranders op aardgas. Een oven verwerkt 4.000 kg afval per uur.
Na verbranding rest er rook en assen. De korrelas valt uit de oven in een waterbak waar de as gekoeld wordt. Vervolgens wordt de korrelas op een transportband geduwd en passeert een elektromagneet die het ijzer eruit haalt. De korrelas wordt verzameld in een afgedekte container om af te voeren naar een stortplaats klasse I. De as wordt nuttig gebruikt als stabilisatie- en afdeklaag op de stortplaats. Het ijzer wordt verwerkt tot nieuw ijzer.
Energie
De rook verlaat de ovens aan een temperatuur van 850°C die in de ketel tot 260°C wordt afgekoeld. De warmte die hierbij vrijkomt, wordt omgezet in oververhit water van 180°C en wordt vervolgens afgekoeld tot 110°C die door een stalen buizenstel stroomt. Dit water wordt onder hoge druk gehouden zodat het niet gaat koken of stomen. Het water wordt enerzijds via een systeem van warmtewisselaars en pompen gebruikt voor het verwarmen van gebouwen en serres in Roeselare. Het overschot aan warm water wordt met een ORC installatie omgezet tot elektriciteit.
ECO
ECO2 staat voor "economiser2". Een economiser is een deel van een ketel die bestaat uit geplooide buizen dicht tegen elkaar. Door de buizen wordt water gestuurd voor de afkoeling van de rookgassen. Naast de economiser die reeds aanwezig is in de ketel (3), heeft MIROM nog een extra economiser, ECO2 . Deze verlaagt de temperatuur van de rookgassen van 260°C tot 205°C. Zo wordt extra energie gerecupereerd en werkt de rookgaswassing op een optimale temperatuur. Per ovenlijn bevat ECO2 3.500m buis.
Verwarming
Via ondergrondse buizen wordt warm water gestuurd naar gebouwen (bv. veiling, scholen, tot aan cc de spil en het spillebad). Het net bestaat uit een gesloten circuit van 15 km en levert warmte aan 21 klanten. De temperatuur van het water daalt tijdens het traject met amper 1°C per km. 4,5kg huisvuil produceert ongeveer evenveel energie als 1L stookolie. Zo vloeit er jaarlijks 4 miljoen liter minder stookolie door de branders van deze gebouwen. Een gasketel van 7.000kW staat standby om de klanten van warmte te voorzien in geval de verbrandingsinstallatie onvoldoende energie kan opwekken.
Electriciteit
Oververhit water van 180°C dat niet gebruikt werd voor de afstandsverwarming wordt in een gesloten circuit naar de ORC-installatie gepompt. Dit heet water zet een speciale vloeistof om tot een gas onder hoge druk (150°C). Dit product heeft dezelfde eigenschappen als stoom van 400°C en kan de turbine en vervolgens de alternator aandrijven. Op die manier produceert MIOM voldoende elektriciteit om te voldoen aan de behoefte van 5.000 gezinnen. De helft ervan wordt gebruikt voor elektrisch verbruik van de verbrandingsinstallatie. Na de turbine wordt het gas in de condensor door afkoeling terug vloeibaar gemaakt zodat deze opnieuw kan gebruikt worden. Die vloeistof is specifiek ontworpen om elektriciteit te kunnen maken met warmte van slechts 180°C. Deze installatie is in 2008 gebouwd en is een primeur in België.
Rookgaszuivering
De rook gassen verlaten de ketel op een temperatuur van circa 260°C. Na de ketel verlaagt ECO2 deze temperatuur verder tot 205°C. Zo wordt extra energie gerecupereerd en werkt de rookgaswassing op een optimale temperatuur. De rookgassen bevatten schadelijke stoffen zoals zuren (chloor, zwavel), vliegas, zware metalen en dioxines. Deze worden opgevangen en/of onschadelijk gemaakt in diverse stappen.
Elektrofilter (sinds 1976)
Deze filters vangen de vliegas op met behulp van een hoge gelijkspanning (circa 70.000V) die het stof elektrisch laadt. Metalen platen trekken de geladen vliegas aan. Hamers kloppen het stof van deze metalen platen. De vliegas wordt opgevangen in een gesloten container en wordt zo afgevoerd naar een specifieke verwerkingseenheid voor verdere behandeling.
Rookgaszuivering
De rook gassen verlaten de ketel op een temperatuur van circa 260°C. Na de ketel verlaagt ECO2 deze temperatuur verder tot 205°C. Zo wordt extra energie gerecupereerd en werkt de rookgaswassing op een optimale temperatuur. De rookgassen bevatten schadelijke stoffen zoals zuren (chloor, zwavel), vliegas, zware metalen en dioxines. Deze worden opgevangen en/of onschadelijk gemaakt in diverse stappen.
Reactor (sinds 1987)
In de reactor wordt er natriumbicarbonaat (maagzout) en actief kool geïnjecteerd. Natriumbicarbonaat neutraliseert de zure bestanddelen zoals chloor en zwavel tot zouten. Het actief kool absorbeert dioxines en zware metalen.
Rookgaszuivering
De rook gassen verlaten de ketel op een temperatuur van circa 260°C. Na de ketel verlaagt ECO2 deze temperatuur verder tot 205°C. Zo wordt extra energie gerecupereerd en werkt de rookgaswassing op een optimale temperatuur. De rookgassen bevatten schadelijke stoffen zoals zuren (chloor, zwavel), vliegas, zware metalen en dioxines. Deze worden opgevangen en/of onschadelijk gemaakt in diverse stappen.
Mouwenfilters (sinds 1987)
Deze installatie bestaat uit twee filters die samen 1.040 mouwen tellen. Dat zijn lange , smalle stofzuigerzakken waarvan de poriën zo klein zijn dat bijna alle resterende stof opgevangen wordt. Door middel van perslucht worden deze mouwen automatisch gereinigd zodat ze vele jaren bruikbaar blijven. Een katalysator in de mouwen vernietigt de dioxines. Het gefilterde stof wordt opgevangen in een container en afgevoerd naar een verwerker. De stofemissie na de mouwenfilter is quasi onmeetbaar.
Rookgaszuivering
De rook gassen verlaten de ketel op een temperatuur van circa 260°C. Na de ketel verlaagt ECO2 deze temperatuur verder tot 205°C. Zo wordt extra energie gerecupereerd en werkt de rookgaswassing op een optimale temperatuur. De rookgassen bevatten schadelijke stoffen zoals zuren (chloor, zwavel), vliegas, zware metalen en dioxines. Deze worden opgevangen en/of onschadelijk gemaakt in diverse stappen.
Denox (sinds 2004)
Bij elk verbrandingsporces komen er stikstofoxides vrij (NOx), dus ook bij het verbranden van afval. In de rookgassen wordt erin deze fase ammoniakgas geïnjecteerd. Door de werking van de katalysator reageert de NOx met ammoniakgas waardoor alleen nog onschadelijke gassen en water overblijven. De katalysator zorgt tevens voor een verdere vermindering van de dioxines.
En tot slot
De gezuiverde rookgassen verlaten de installatie en worden via zuigtrekventilatoren in de schoorsteen geblazen. Deze ventilatoren hebben elk een vermogen van 280Kw en houden de hele installatie in onderdruk. De emissienormen voor de verbrandingsinstallaties behoren tot de strengste in Vlaanderen en moeten continu opgevolgd worden. In de 62m hoge schoorsteen gebeuren alle vereiste metingen. Een continu meetstation registreert de emissies en maandelijks worden deze resultaten gerapporteerd aan de milieu-inspectie.
Doorsnede: Beweeg de muis over een cijfer en krijg de uitleg per onderdeel.
Wil je een overzicht van ons warmtenet? Klik hier
|