Een warmtenet is een groener alternatief voor de individuele verwarmingsketels. Het principe is heel eenvoudig: één grote warmtecentrale, de verbrandingsoven van MIROM, brengt via ondergrondse warmwaterleidingen warmte tot bij organisaties en woonentiteiten waar warmte wordt afgegeven aan het systeem van het gebouw. Het afgekoelde water stroomt terug naar de warmtecentrale, waar het weer opgewarmd wordt.

Mirom exploiteert al sinds 1986 een stadsverwarmingsnet waarmee klanten voorzien worden van groene warmte voor verwarming van gebouwen en aanmaak van sanitair warm water. Deze technologie is vrij uniek in Vlaanderen, maar wordt al vele decennia op grote schaal toegepast in onder andere de Scandinavische landen. Warmtenetten scoren zeer hoog op energetisch rendement (de temperatuur daalt minder dan 1°C per kilometer).

Het warmtenet is als het ware een grote cv-installatie waarbij het circulatiewater de centrale verlaat aan 110 °C. Eens bij de klant aangekomen wordt deze warmte uitgewisseld met de cv-installatie van de klant in het onderstation. Het water keert afgekoeld terug naar de centrale waar het opnieuw wordt opgewarmd. De aanwezige circulatiepompen in de centrale zorgen voor het voortstuwen van het water.

Mirom heeft een centrale back-up ketel op gas die overneemt in geval van onderhoud- of calamiteit op een of beide afvalverbrandingsovenlijnen.

Mirom streeft naar maximale afvalpreventie, hergebruik en recyclage. Een deel van het afval kan technisch gezien niet voorkomen, noch gerecycleerd worden. Dit restafval wordt in de verbrandingsinstallatie verbrandt met minimale emissies en maximale energierecuperatie. In periodes waar er minder behoefte is aan warmte wordt de energie omgezet tot elektriciteit in de ORC installatie.

Een duurzame toekomstvisie. Dat heeft MIROM sinds zijn ontstaan altijd gehad. Afvalpreventie, hergebruik, recyclage, verbranden met energierecuperatie en storten. Die chronologische volgorde is voor MIROM cruciaal. En het warmtenet vormt daarin een belangrijke schakel.

Het warmtenet werkt met restwarmte (afvalwarmte) van de verbrandingsinstallatie van MIROM Roeselare. Bij de verwerking van afval dat niet meer gerecycleerd kan worden, komt er warmte vrij. Die warmte benut MIROM optimaal via een ondergronds leidingnet met een tracé van 19 km lang tot bij ongeveer 35 organisaties.

 

Verbrandingsinstallatie

Een deel van het afval kan door zijn samenstelling niet gerecycleerd worden. Daarom beschikt MIROM Roeselare (voor 2006: IVRO) sinds '76 over een verbrandingsinstallatie waar gemiddeld 7 ton afval per uur verbrand wordt conform de geldende milieunormen. Meer info.